Met de dood van Jeroen Oerlemans in Libië werden de risico’s waaraan oorlogsfotografen zijn blootgesteld weer eens kristalhelder. Of het nu een ‘ongeluk’ was of dat de fotojournalist bewust een doelwit was van IS, doet er eigenlijk niet toe. Oorlogsfotografen hebben een levensgevaarlijke baan. Fotograaf Stanley Greene benadrukte dat een dag later nog eens tijdens zijn Nikon Masterclass, die hij begon met het tonen van een lijst met 102 namen van fotojournalisten die tijdens hun werk zijn omgekomen sinds 2015.

Greene pleitte voor betere fysieke bescherming van fotografen in oorlogsgebieden door middel van kogelwerende vesten en betere opvang voor fotografen die terugkomen. Ook de documentaire Conflict van Redfitz, die in december 2015 verscheen, biedt meer inzicht in het leven en werk van de oorlogsfotograaf. De makers interviewden gedurende twee jaar zes topfotografen (Pete Muller, Joao Silva, Donna Ferrato, Nicole Tung, Robin Hammond en Eros Hoagland) over fotografie, hun twijfels en hun drijfveren.

De verschillende interviews zijn los van elkaar te zien, of als doorlopend geheel, zoals hier boven. Elk verhaal is indrukwekkend, maar het allerlaatste interview met Eros Hoagland spant de kroon in het tegenspreken van de gevestigde orde. Hij is fotojournalistiek als een egoïstische en zelfs bizarre bezigheid gaan zien, die eigenlijk niets uithaalt in de lange termijn. Sterker nog, door de vele traumatische ervaringen die hij nu met zich meedraagt en de komst van een kind, heeft hij besloten aan het werk de rug toe te keren. “I did it and I did it well. Enough is enough.”